Oud-commandant Roel Schoeman met een onklaar gemaakte 40 mm luchtdoelgranaat. (Foto: Marco Diepeveen)
Oud-commandant Roel Schoeman met een onklaar gemaakte 40 mm luchtdoelgranaat. (Foto: Marco Diepeveen) (Foto: )

Oud-commandant MOB-complex: 'We waren alert op de slaapzakken'

Door Marco Diepeveen

ELST – Buitenstaanders kwamen nooit door de poort, fotograferen en filmen was taboe, evenals erover praten. Wat er gebeurde achter de schermen van een MOB-complex, gold als een groot geheim tijdens de Koude Oorlog. Roel Schoeman, dertien jaar commandant geweest van de locatie in Elst, deed hierover een boekje open bij de Werkgroep Elst & Remmerden van de Historische Vereniging Oudheidkamer Rhenen en omstreken.

In woord en beeld nam Roel Schoeman het talrijke publiek mee door de geschiedenis van het voormalige MOB-complex aan de Zwijnsbergen, naast Plantage Willem III. Een geschiedenis die nauw verbonden was met de spanningen tijdens de Koude Oorlog.

Atoombommen

Vanaf de jaren vijftig tot begin deze eeuw gebruikte Defensie MOB-complexen voor de opslag van militair materieel, brandstof, munitie en uitrusting. Elst (gebruikt van 1961 tot 2011) was één van de 42 mobilisatiecomplexen in Nederland (plus 6 in West-Duitsland), die tijdens de Koude Oorlog een vlotte mobilisatie en bevoorrading mogelijk moesten maken bij een snelle en onverhoedse Sovjetaanval. "Vanwege de versnelde opbouw van de landmacht en de verhoogde paraatheid bestond er in de jaren vijftig een tekort aan opslagruimte", vertelde Schoeman. "Het personeel van de MOB-complexen had tot taak om het materieel te onderhouden en inzetbaar uit te geven. Bij oefeningen en mobilisaties haalden de militairen hier hun uitrusting, wapens en voertuigen."
Defensie zocht goedkope locaties, uit het zicht van bebouwd gebied. "Zwijnsbergen was daarom ideaal. Sommige Elstenaren vreesden dat er atoombommen en raketten lagen opgeslagen. Onzin! Ik had alleen een atoombom op een plaatje gezien. Wij deden niks spannends; alleen onderhoud, schoonmaak en reparatie. Burgers zagen onze voertuigen op de weg."

Proefrit

De voorraden op het 14,5 hectare grote complex logen er niet om. Zeshonderd voertuigen (variërend van jeeps tot vrachtwagens), 85.000 liter brandstof, 1.800 artilleriegranaten, 24 houwitsers en genoeg handvuurwapens (zo'n 2.500), munitie en andere uitrustingsstukken om 2.000 man drie dagen te laten vechten. Ongelukken en inbraken deden zich nooit voor. "Steevast kampten we met personeelstekorten. Zes monteurs moesten al die voertuigen onderhouden. De vereiste was tweemaal per jaar een proefrit. Dat lukte in de verste verte niet. Ons MOB-complex telde 24 burgermedewerkers en 2 militairen. Die werden ter plekke opgeleid. Als commandant moest ik overal wat vanaf weten. Dat heb ik al doende geleerd, want bij mijn benoeming miste ik de materieelkennis."

Vervangen

Vanwege de langdurige stilstand moesten oliekeerringen en getankte brandstof periodiek worden vervangen. Door lekkage en verdamping ging jaarlijks 2.000 liter verloren. Ook de opgeslagen rantsoenen en medicamenten moesten worden verwisseld. Administrateurs hielden nauwgezet de inventarislijsten bij. Alles had zijn eigen plek "Daar was ik heel precies in."

Meer berichten